FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 07 August 2017 09:00

De reis is de bestemming

De reis is de bestemming Tekst: Anouschka van Wettum

De reis is de bestemming’, schrijft Frits de Lange in zijn boek ‘Heilige Onrust’. Geloven is voor De Lange een pelgrimstocht. Ook voor twintigers? Anouschka van Wettum over voortschuifelende gelovigen en backpackende vakantievierders.

Het was even geleden dat ik in de kerk zat, en weer kon ik de rust niet vinden om stil te blijven zitten op de houten banken. Tijdens de dienst die ik bijwoonde, werd dan ook Heilige onrust ten doop gehouden. De auteur Frits de Lange overhandigde het eerste exemplaar aan zijn oudere broer: “Ik geef het boek aan een generatie.” Toch vraag ik me af of niet juist mijn generatie van twintigers veel baat bij het boek zal hebben. We trekken massaal de wereld rond per vliegtuig om te reizen naar verre oorden. We vertrekken, vaak zelfs te voet, om onze onrust te volgen in landen van yoga, meditatie en extreme sporten.

Onruststoker
Heilige onrust heeft al voor verschijning de nodige onrust veroorzaakt. Het dagblad Trouw kondigde het boek aan als de afschaffing van de hemel. De week erna verscheen een verontschuldigend redactioneel vergezeld van een artikel waarin een predikant de hemel weer terug de hemel in prees. Wie De Lange’s boek dan openslaat, ziet dat de media het niet hebben begrepen. Ze hebben zich op een enkele zin toegelegd die vlak voor de conclusie komt: “Beter is het daarom te leven alsof er geen hemel bestaat.” De protestante theoloog Frits de Lange heeft namelijk helemaal geen boek geschreven over het wel of niet bestaan van God en de hemel. Hij schreef zijn boek over de pelgrim als metafoor van wat mensen elke dag weer in beweging brengt.
De auteur draagt het boek op aan een generatie die na het verbrokkelen van de verzuiling met de ruïnes achterbleef. Het oude geloof is kwijt en daarmee de oude dogma’s, en ook “de veilige zekerheid van het eigen groepsgelijk”. Tegen die achtergrond gaat de theoloog terug naar het hart van religie, zoals de ondertitel luidt, waar niets van de religie zelf overblijft maar des te meer het geloof in zijn naakte vorm. Hij omschrijft deze kern als verlangen. Dat wat de mens elke morgen doet opstaan om door te gaan. Dat wat mensen ertoe zet om de ene voet voor de andere te zetten. En in het spreken over dit verlangen doet hij een goed woordje voor het woordje ‘God’.

Generatiekloof
De Lange (1955) schreef zijn boek voor zijn generatie voor wie de religieuze woorden en dogma’s hol zijn geworden, maar in reacties klinkt een vastklampen aan juist die woorden. De theoloog nam de pelgrim als metafoor, maar het publiek wil dat hij gaat lopen. Hij spoort aan om naar het leven te kijken, maar zijn critici horen alleen de afschaffing van de hemel. De auteur wil kijken naar wat de mens beweegt om iedere dag weer uit bed te komen. Maar de lezer kijkt alleen naar boven, naar de hemel. Misschien moet je je religie eerst verliezen voordat je de onrust ervaart. Religie is vaststaan, maar vaststaan is ook stevig staan en weten waar je aan toe bent. De heilige onrust is misschien alleen herkenbaar voor de potentiële pelgrim met Wanderlust in de benen.
De onrust over het boek van De Lange speelt zich ver af van de wereld van jonge mensen. Op de boekpresentatie kwam een typisch kerkelijk publiek af dat typisch kerkelijke vragen stelde. Blanke babyboomers die dit nieuwe boek naar hun eigen taal proberen te vertalen. Dat is een discussie waarin ik niet kan delen, ik heb de verzuiling nooit gekend en ben weliswaar met de kerk opgevoed maar heb nooit het ‘eigen groepsgelijk’ gekend. Religie is voor mij een plek van sociaal samenzijn met onbekenden waarin veel conflicten, oud zeer, en discussies bestaan over zaken die er in mijn alledaagse realiteit niet veel toe doen. ‘Weg ermee,’ dacht ik op een dag. Vanuit die mentaliteit is de relativering van Frits de Lange een verademing.

In de benen
De auteur koos voor het beeld van de pelgrim dat de vragen Waar kom ik vandaan, wat doe ik hier en waar ga ik naartoe? centraal stelt. Deze praktische vragen halen je uit je hoofd, weg bij jezelf en de eeuwige waarom-vragen. De metafoor van de voortschuifelende mens gaat lijnrecht in tegen het ideaal van de homo economicus die altijd het beste, efficiëntste en lucratiefste zal kiezen. De pelgrim kent onzekerheid en ziet schoonheid in de omweg. Natuurlijk kun je het vliegtuig naar Santiago de Compostela pakken, maar dan heb je de Camino niet leren kennen. De Lange herkent het pelgrimsmotief in de labyrintloper, de nomade en de flaneur die allemaal laten zien dat de mens te voet meer is dan een reiziger van A naar B.
Ik voelde me aangesproken door Heilige onrust en de beelden van de rondzwervende mens, misschien juist omdat ik weinig tradities ken en geen duidelijke roots heb in een dorp of stad. Toen ik een halfjaar in Parijs woonde, besteedde ik mijn tijd vooral aan het flaneren en rondwandelen in de stad zodat ik me er tijdelijk thuis kon voelen. Mijn generatie is opgegroeid met jaarlijkse vakanties in het buitenland, de wereld rondreizen in een tussenjaar en citytrips in het weekend. Mijn generatie heeft de term ‘voluntourism’ voortgebracht: al die jonge mensen die bijvoorbeeld een weekje schuttingen gaan verven in een derdewereldland of op de foto gaan met zwarte kindertjes met wie ze oh zo gezellig knuffelen om ze vervolgens nooit meer te zien. Maar in het licht van De Lange’s boek kunnen we ook iets anders zien: een niet te stillen onrust drijft deze mensen de wereld over.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2017

volzin schrijfwedstrijd

Dank aan allen voor uw inzendingen! Er zijn 112 essays ingezonden waar de jury zich momenteel over buigt. De deelnemers ontvangen uiterlijk 1 december bericht over de uitslag. De winnende essays zullen verschijnen in het eerste Volzin-nummer van 2018.