Laatste nieuws

  • 1
  • De wens van Willem

    Arme God, staat Hij nu toch weer als afsluiter in de troonrede. De constante aanwezigheid van de Allerhoogste in de Ridderzaal blijft voer voor discussie, terwijl het toch een heel voorzichtige roep om zegen is. “U mag zich in uw zware taak gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden” is sinds 2003 de slotzin van de monarch. Ondanks herhaalde pogingen om de laatste zin uit de troonrede te schrappen blijft de koning bidden om Gods zegen. Tegenstanders verwijten de vorst niet neutraal te zijn, alsof hij het toch niet kan laten zijn hobby te betrekken bij zijn taak als ‘moderne verbinder’. De troonrede is van iedereen, dus een neutraal staatshoofd zou goddeloos moeten zijn. Met de platte verwijzing naar de scheiding tussen kerk en staat dient religie gewoon te verdwijnen uit dit land. Bovendien: Nederland is seculier, voor je het weet gaat Willem op zijn knieën om God te vragen of Hij hem zou willen helpen bij het foutloos voorlezen van zijn tekst. Nee, om Amerikaanse toestanden te voorkomen moeten God en geloof echt voorgoed uit elke rede van de Oranjes. Dat terwijl God in deze zin helemaal niet het moeilijkste begrip is. Wijsheid toewensen lijkt mij veel moeilijker dan bidden om kracht en zegen. Zouden de tegenstanders ook het eerste deel uit deze zin willen schrappen? Wijsheid is altijd handig om te hebben als leden van de Staten-Generaal, lijkt me. Op welke manier deze wens vervuld gaat worden weet ik niet, ze zal zeker niet verwijzen naar de genie in de lamp die je wensen aanhoort, zoals bij Alladin. Ook vermoed ik dat wijsheid niet via een waxinelichthoudertje tot je komt, hoewel verlichting wel een status is die veel mensen met wijsheid associëren. Maar dat neigt dan weer te veel naar oosterse religies ben ik bang. Nee, wanneer de koning echt tegemoet wil komen aan zijn rol als bindende kracht van het volk moet er niet geschrapt worden, maar juist toegevoegd. Zo kan hij bijvoorbeeld ook eens de wetenschap erbij betrekken, of andere namen van God gebruiken om de specifiek christelijke God te verbreden. Ook handig voor de moslims, steunen zij Nederland automatisch via de monarch en hoeven zij zich dus niet meer openlijk uit te spreken tegen alles wat IS onderneemt. Dat scheelt een hoop discussie. Willem zou vast tevreden zijn met een zin als: “Velen keuren de inspiratie die u haalt uit wetenschappelijke onderzoeken goed, maar daarnaast mag u zich gesteund weten door het besef dat velen met mij u wijsheid toewensen of/en bidden om kracht en de zegen van Adonai, Allah, God of de Gids naar het Juiste Pad.” Chris van Wieren is de komende maanden stagiair bij de redactie van Volzin. Elke woensdag verwondert hij zich over religieuze neigingen van Nederlanders. Read More
  • Nieuwe volzin-special: Economie, een kwestie van waarden

    Het is een van de ergste verwijten die men economen of politici kan maken: ‘Ze kennen van alles de prijs, maar van niets de waarde.’ Toch is dit vaak het beeld dat in de media oprijst: mensen gereduceerd tot nummers, cijfers, dossiers. Reden voor Volzin om een special te maken, met als titel ‘Economie, een kwestie van waarden’. “De overheid heeft de mensen tot klanten gemaakt. Dat is een categorie die wij altijd geweigerd hebben”, zegt Jan De Volder van Sant’Egidio. Hij komt aan het woord in het nieuwe nummer van Volzin, dat volgende week vrijdag verschijnt. De beweging Sant’Egidio zet zich vanuit een christelijke inspiratie in voor armen, daklozen en migranten. Gemiddeld komen er in het restaurant van Sant’Egidio in Antwerpen op een avond zo’n driehonderd bezoekers. Ze worden er ontvangen als vrienden. “Ze hoeven dus niet aan te sluiten in de rij met een dienblad, ze mogen gaan zitten, worden bediend.” Sant’Egidio gaat binnenkort ook in Amsterdam van start. In deze special ook een interview met Aloys Wijngaards, theoloog en toezichthouder bij De Nederlandsche Bank: “Ik wil dat ze snappen wat ik graag wil: een andere vorm van gedrag.” Vier jonge economen en ondernemers belichten hun economische alternatief. Zo introduceerde Bob Bennink voor Rotterdam een lokale, renteloze munt, ‘de dam’. Suzanne Smulders opent in Amsterdam een chique winkel waar eerder door anderen gedragen kleding geleend kan worden. Marieke Feuth kiest ervoor om in navolging van Franciscus in armoede te leven. “Ooit moet al mijn bezit passen in twee plastic tassen.” Damaris Matthijsen ontwierp een nieuw economisch model. Haar motivatie? “Je kunt niet gaan janken als je naar het Journaal kijkt en tegelijkertijd niks tegen onrecht doen.” De nieuwe volzin verschijnt vrijdag 26 september. Als u geen abonnee bent, kunt u hier het Volzin-nummer los bestellen. Read More
  • Gaza & Ebola

    Diep in Congo-Kinshasa kronkelt een sierlijke rivier genaamd Ebola. Je kunt er kiekjes maken en mooie boottochtjes, maar een frisse duik zou ik niet nemen; het krioelt er van de bloedzuigers, tijgervissen en krokodillen. Het verhaal gaat dat Mobutu, een goede vriend van Idi Amin, er ter vermaak graag een paar onderdanen in smeet om ze voor z’n ogen in stukken te zien worden gescheurd. Krokodillen voeren was zijn favoriete tijdverdrijf. Maar ineens, in 1976, dook er uit de rivier iets heel anders op, geen gifplant of roofdier, nee, een veel fataler organisme: een virus. Gedoopt tot het ebolavirus is dit virus intussen het meest angstaanjagende ter wereld, nog dodelijker dan aids. Het maakt eerst je lever kapot, daarna sloopt het vakkundig de rest van je organen. Geen kruid is ertegen gewassen. Bekijk je het virus onder een microscoop, dan zie je, bizar genoeg, dezelfde kronkelingen als in de rivier.Al een halve eeuw zaait het virus dood en verderf in met name Centraal- en West-Afrika. Hele volksstammen zijn uitgeroeid na opeenvolgende epidemieën; de film Outbreak is erop geïnspireerd. Thans woekert het in Liberia. Als gezegd, er is geen enkel medicijn voorhanden. Als er al iets in de maak was, verkeerde het nog in de prilste testfase – volgens de officiële berichten. En die berichten geloofde je, hoewel boze tongen al langer beweerden dat de Amerikanen wel degelijk in het bezit zijn van een geheim vaccin. Maar dit vaccin zou duur zijn en daarom liever bewaard worden voor eigen gebruik. De boze tongen wees men meteen naar ‘t rijk der complottheorieën. Tot vorige week. Toen bleek dat, naast legioenen Liberianen, nu ook twee Amerikaanse ontwikkelingswerkers, werkzaam voor een christenorganisatie, besmet raakten. Stante pede werden ampullen met een geheim serum Liberia ingevlogen en het wondergeschiedde: de twee Amerikanen zijn weer kwiek als hoentjes. En wat dacht u: de rest van Afrika mag fluiten naar het serum. Al langer weten we wat in het Westen een niet-westers mensenleven waard is - extra onderstreept door de opeenvolgende Gaza-genociden. De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens mag vandaag nog door de wc worden gespoeld. Read More
  • De innerlijke God

    God in jezelf vinden. Een zoektocht die je samen met vele anderen aflegt. Mediterend, zo nu en dan zwevend op de wind, shoppend in de winkel der tradities – het klinkt makkelijk, maar wat is de werkelijkheid vaak anders. Marleen Stelling (23) over haar pad naar binnen. Op een stralende zomerdag leg ik te voet de afstand af van station Driebergen-Zeist naar Maarn. Ik ga gekleed als heuse wandelaar. Grove wandelschoenen aan mijn voeten, de hengsels van een rugtas om mijn schouders. Door de stof van mijn sportbroek met panterprint heen voel ik dat de koele ochtenddauw nog laag bij de grond hangt. Ik ben hier vaker geweest, maar toen hoorde ik meer dan het getsjilp van de vele vogels alleen. Achterop de fiets van mijn vader klonk het geknisper van zijn fietsbanden over het schelpengrit. Ik zat in het kinderzitje. Het was bruin, en mijn blote kinderbeentjes plakten door de warmte vast aan het gladde plastic. Ik ontdekte de natuur terwijl ik werd rondgereden, gedragen, met mijn wang schurend tegen het witte T-shirt van mijn vader aan. Eenzaamheid is geen opgave vandaag. De bloeiende natuur straalt bevestiging uit, laat zien dat alles goed is. Toch bezorgt het beeld van het kinderzitje van vroeger mij weemoed. Niet omdat ik terugverlang naar toen, achterop bij mijn vader. Het is iemand anders die ik mis. Iemand die mij elders rondreed, droeg. KlapWat waren we een goed stel, God en ik. Een gek stel ook. Want laat het nu net ook díe vader zijn die mij in mijn fantasieën verleidde om de kerk te verlaten. Met stevige wind hield hij me op zondagochtenden tegen om de negenhonderd meter van mijn huis naar zijn huis per fiets af te leggen. Dat lukte niet – de stimulerende kracht van mijn ouders was sterker. Maar toch, God wilde het niet dat ik ging, dat wist ik. Eenmaal in de kerk hoopte ik, starend door de glas-in-loodramen, dat op een dag het moment zou komen dat God tegen het glas aan kloppen zou. Hij zou het raam openen en me bevrijden uit die voor mij zo benauwende krochten van de Nederlandse Hervormde kerk. Het was de plek waar ik mijzelf als ‘een arm tussen allemaal benen’ zag – een uitdrukking die ik in mijn dagboek teruglas en waarmee ik mijn eenzaamheid uitdrukte. Het was de plek waar ik mij niet gehoord voelde in de vragen die ik stelde over waar we nu in geloofden, en waar ik de rituelen meer en meer als verplichte handelingen ervoer. Dat ik op mijn vijftiende de deuren van die kerk met een harde klap dichtsmeet, is dus geen verrassing. Dat twee jaar later mijn relatie met die gekke, recalcitrante God ten einde kwam, had ik daarentegen niet kunnen zien aankomen. Tot die tijd was hij alles voor mij geweest. De aanwezigheid van zijn handen voelde ik altijd op mijn huid. Knedend om mijn bovenarmen op een school waar ik niet thuis was. Hij hield met zijn vingers een wacht op mijn lippen wanneer de pestende meisjes op het schoolplein voor de zoveelste keer de confrontatie met mij aangingen. En wanneer ik met het vallen van de avond mijn tranen losliet, streelde hij mijn rode blossen. Niemand zag mijn leed, maar God was bij elke ademstoot die ik uitsloeg. Hij had de Hebreeërs uitgeleid uit het diensthuis van de Egyptenaren, en zo zou hij ook mij bevrijden van mijn gekwelde positie als gepest meisje. Van hem kwam mijn hulp, mijn ogen opheffend naar de bergen. Ik had niemand anders en hij wilde niets liever dan de enige voor mij zijn. Bij hem voelde ik me gekend tot op de bodem van mijn wezen. Immers, hij was degene die mijn nieren vormde, had mij kunstig geweven in de schoot van de aarde, bewaakte mijn ingaan en mijn uitgaan. Hij kende de deling van alle cellen, het temperament van elk orgaan, tot in de bodem van mijn romp, en hij had dat alles intens lief. WringenWat hadden we het fijn, die jaren. Als jaloerse God en eenkennig meisje vormden wij het perfecte paar. Tot dat het meisje van puber naar vrouw begon te groeien, zelf wilde bepalen wat wel en niet kon, wat goed en fout was en wilde voelen hoe het was om op eigen benen te staan. Het omhulsel van zijn constante aanwezigheid, van de intimiteit met hem, begon te knellen. Zó erg dat ik er gek van werd. Gek van de benauwende cocon die zijn handen vormden, maar ook gek van het oordeel dat hij velde als ik toch voor mezelf opkwam en scheldwoorden in mijn mond ontsproten, of toen ik later de intimiteit met mensen leerde kennen. Read More
  • Kungfu-monniken

    Discipline, zelfbeheersing en respect: deze waarden staan centraal in de beoefening van de Chinese vechtsport kungfu. Ook de oefenmeesters blijken er wel bij te varen. Op bezoek bij de monniken van Shaolin. Meer dan vijftienhonderd jaar oud geldt de Shaolin-tempel als een van de meest vitale centra van de Chinese vechtkunst. Vanuit deze tempel, gelegen in de centrale provincie Henan, verspreidde het zogeheten Shaolin-kungfu zich over de wereld. De tempel trekt jaarlijks zo’n drie miljoen bezoekers. Naast de talloze dagjesmensen zijn er onder die drie miljoen ook duizenden van over de hele wereld die voor langere tijd naar dit centrum komen of naar een van tientallen kungfuscholen in de buurt. Ze willen getraind worden in kungfu en hopen zo tot zichzelf te komen. “Ik heb mezelf hier weer gevonden”, zegt een van hen, Bjorn uit Duitsland (31, ‘liever geen achternaam’). Drie maanden lang was hij te gast bij de boeddhistische monniken. Binnenkort gaat hij weer naar huis. Hij voelt zich bevrijd. Discipline en respectDe Chinese term Kung Fu betekent vrij vertaald hoge vaardigheid, grote concentratie of toewijding. In het westen zijn de traditionele Chinese krijgskunsten onder deze naam bekend geworden. Bjorn vertelt met aanstekelijk enthousiasme over wat hij in de afgelopen maanden van de monniken heeft geleerd. “Ik had grote problemen met alcohol en ben hier gekomen om mijn leven weer onder controle te krijgen. Die controle heb ik gevonden door middel van meditatie en kungfu, het beheersen van lichaam en geest.” Beheersing van lichaam en geest was ook het doel van de Indiase monnik Ta Mo toen hij de bewegingen van kungfu bedacht. Het verhaal gaat dat hij rond 529 na Christus bij de tempel arriveert. Ta Mo is een verkondiger van het chan-boeddhisme (ook wel bekend als zen). Daarom wordt hem de toegang tot de tempel geweigerd. Hij is echter vastberaden om te blijven en trekt zich voor negen jaren terug in een nabijgelegen grot. Read More
  • Keuringsdienst van Geestelijke Waren?

    Naast de kerken is een heuse ‘reli-markt’ ontstaan. Socioloog Bert Laeyendecker vraagt zich af hoe het zit met de kwaliteitscontrole van de aangeboden geestelijke waren. Er is steeds meer aandacht voor de kwaliteit van ons voedsel. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de Consumentengids, de media houden zich ermee bezig en het aantal kookboeken, -rubrieken en gezondheidssites is niet te overzien. Adviezen en waarschuwingen worden niet geschuwd. In ernstige gevallen grijpt de overheid in. Begrijpelijk, want gezondheid is een groot goed. De ´vrijheid van de markt´ is hier duidelijk aan grenzen gebonden en daar klagen weinigen over.In het laatste nummer van Volzin staan twee lezenswaardige bijdragen over de ‘reli-markt’ voor geestelijk voedsel. De traditionele leveranciers zijn uit de gratie, hun aanbod is traditioneel, te weinig gevarieerd, soms ronduit slecht van kwaliteit en sluit onvoldoende aan bij de (veranderde) vraag. Dat schept een gat in de markt voor ‘reli-ondernemers’. Tarieven lopen van bescheiden tot opmerkelijk, want ook geestelijk voedsel mag iets kosten. Dat is altijd zo geweest en aan de redelijkheid van dat principe twijfelen weinigen. De vraag rijst of er ook op dit gebied iets zou moeten of kunnen zijn van kwaliteitscontrole. Traditioneel viel die toe aan de kerkelijke instituties, althans op hun eigen terrein. Daarnaast waren er zogeheten sekten en groepen waarvan sommige zeer te denken gaven en geven. De één liep uit op collectieve zelfmoord, terwijl anderen van hersenspoeling werden verdacht en ouders in actie kwamen. Probleemloos was (en is) die vestiging van zulk soort ‘ondernemers’ dus niet, van de traditionele leveranciers trouwens ook niet. Maar dat waren nog ‘groepen’ die meestal opvielen, nu zijn het vaak particuliere ondernemers. En de markt is neutraal; zij reguleert alleen vraag en aanbod, ongeacht de kwaliteit. Welke instantie of personen daar op (moeten) letten, dat weet niemand. Moet dat dan wel, en hoe dan? Zijn er criteria voor te bedenken? In de sfeer van aantasting van de geestelijke gezondheid? Of van menselijke relaties? Of is het helemaal geen probleem? Lijkt me het overdenken waard. Read More
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6

Doorzoek de website

Social media

FacebookTwitterLinkedIn

Agenda

Geef een Volzin cadeau!

 

Advertentie