FacebookTwitterLinkedIn
woensdag, 05 September 2018 14:15

‘Gezonde discussie met de traditie’

Tekst & Beeld: Jasmijn Olk Tekst & Beeld: Jasmijn Olk

De theologiestudent van nu: wie is dat? Wat drijft hem of haar? Een serie van drie gesprekken. Deze week Martijn Beukenhorst (25), student exegese: “Teksten die in de eerste instantie niet interessant lijken, moet je niet wegmoffelen”.

Martijn groeide op als domineeszoon in een familie vol theologen, maar is de enige van zijn generatie die deze traditie voortzet. We ontmoeten elkaar in de universiteitsbibliotheek in Nijmegen, tussen de Hebreeuwse woordenboeken en concordanties. Het liefst houdt Martijn zich bezig met teksten: met uitvinden wat woorden of zinnen in de Bijbel betekenen en in welke context zij gelezen moeten worden.

Zijn die oude teksten vandaag de dag nog relevant?
“De verhalen van de Bijbel zijn ooit opgeschreven door mensen die wilden aangeven hoe zij met de wereld omgingen. Ik denk dat we daar nog steeds veel van kunnen leren. We zijn misschien als mens qua omgeving veranderd, maar ons karakter is niet erg verschillend van de mensen die drieduizend jaar geleden leefde en over wie deze verhalen gaan. Ik denk dat er nog steeds een spiegel te vinden is in de bijbelse verhalen, die we onszelf kunnen voorhouden.
Om er achter te komen wat er met een tekst bedoeld wordt, moet je ook de achtergrond waarin deze tekst is ontstaan bekijken. Voordat ik theologie ging studeren, ben ik afgestudeerd in de filosofie. Daar werd vaak gezegd: het is niet relevant om naar de context te kijken, denkbeelden ontstaan onafhankelijk van de tijd waarin een filosoof leefde. Dat vind ik jammer. Want door ook naar de context te kijken, kun je zoveel meer leren. Een voorbeeld: in het filosofische canon zitten vooral denkers uit Engeland, Frankrijk en Duitsland. Een factor die meespeelde was dat in deze landen de drukpers al vroeg werd geïntroduceerd. Zo konden zij hun ideeën sneller en breder verspreiden dan filosofen uit andere landen.”

Waarom is het belangrijk om de Bijbel op een nieuwe manier te lezen?
“Met behulp van exegese kunnen veel vooroordelen weggenomen worden. Als je een tekst leest, heb je altijd een verwachting over wat de tekst jou zal gaan zeggen. Een rol van de exegese is om dit verwachtingspatroon te doorbreken.
Sommige passages lenen zich op het eerste gezicht beter voor interpretatie dan andere. In het Oude Testament staan beschrijvingen van veldslagen waarin God op een gegeven moment 30.000 mensen het hoofd afhakt. Je kunt je afvragen wat daar de relevantie nog van is. Maar tegelijkertijd vertelt deze passage iets over hoe de mensen in die tijd omgingen met hun omgeving en hoe hun relatie met het hogere er uit zag. Dit is belangrijk voor het interpreteren voor andere, wellicht relevantere, passages. Teksten die in de eerste instantie niet interessant lijken, moet je niet wegmoffelen. Ik heb het idee dat dit soms wel wordt gedaan, dat we alleen de highlights lezen en van de rest zeggen: ja weet je, dat doet er niet zoveel toe.”

Kun je een voorbeeld geven van een nieuwe interpretatie van een bijbeltekst?
“Recentelijk heb ik iets geschreven over ‘satan’ in het boek Job. Interessant is om te kijken wat het woord in Job nou eigenlijk precies betekent. Ik argumenteer dat ‘satan’ niet wijst op de duivel, maar wordt gebruikt om een juridische functie aan te geven: een aanklager, iemand die tegenover God gaat staan om de persoon Job aan te klagen. Wij hebben het beeld van iemand met horens die in de hel zit. Dit beeld heeft geen enkele schrijver in het oude Hebreeuws.”

Waarom houd jij je bezig met de Bijbel, en niet bijvoorbeeld de Koran of Bhagavad Gita?
“Met de Bijbel ben ik opgegroeid, dit maakt het makkelijker, veel dingen weet en ken ik al. Op een bepaalde manier is dat ook een barrière, omdat je snel de gebaande wegen gaat. Bepaalde dingen vallen minder snel op, omdat je er niet met een nieuwe blik naar kijkt. Zie het voorbeeld van de satan: iemand die nog nooit eerder van de satan heeft gehoord, alleen naar de tekst in Job kijkt, zal nooit bedenken dat de satan een duivels figuur is. Daar geeft de tekst zelf geen aanleiding voor.
Als ik met exegese bezig ben ga ik als het ware in discussie met mijzelf en met mijn verleden. Als ik iets ontdek, voelt het soms als een triomf op mezelf: ik dacht altijd dat het zo was, maar nu blijkt het iets heel anders te zijn. Tegelijkertijd moet je de traditie niet per definitie afschrijven. Je moet in gezonde discussie met de traditie staan, er mee kunnen sparren.”

Heb je ooit moeite gehad met bepaalde inzichten uit de exegese?
“In bepaalde bijbelpassages wordt gesproken over de beni haelohim, de zonen van God. In de traditie wordt dit meestal vertaald als ‘raad van goden’, ze worden gezien als een soort engelen. Maar als je de laag van de traditie er af haalt, zie je dat het gaat om een overblijfsel van een polytheïstisch wereldbeeld. Waarin de God van Israël er slechts één was tussen meerdere. Ik vond het lastig om mij daar als gelovige toe te verhouden.
Tegelijkertijd vind ik: moet je het dan maar negeren, om je eigen geloof makkelijk te houden? Ik ontmoette ooit een vrouw die al deze theorieën maar niets vond. Ze zei: je laat me nog twijfelen aan het geloof, dat wil ik niet. Als je niet kan twijfelen aan je geloof, wat is het dan nog waard? Ik vind het belangrijk om op een bepaalde manier kritisch te staan tegenover je aannames. Je kunt pas echt achter je geloof staan als je de discussie aangaat, het risico durft te lopen om te ontdekken dat je iets fout had.”

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2018

volzin schrijfwedstrijd

 

Agenda