maandag, 16 October 2017 11:55

De Reformatie ging om boete, niet om corruptie

Maarten Luther Maarten Luther Tekst: Herman Westerink

1517 geldt als het beginjaar van de Reformatie – nu precies 500 jaar geleden. Het is het jaar waarin Luther zijn beroemde 95 stellingen aan de deur van de slotkapel in Wittenberg zou hebben gespijkerd. Dat we aannemen dat die stellingen het beginpunt vormen, zegt veel over hoe de Reformatie wordt waargenomen. De stellingen waren namelijk niet Luthers eerste publicatie; er waren al belangrijke bijbelcommentaren en andere teksten van zijn hand verschenen waarin zijn theologische opvattingen al heel duidelijke contouren hebben.

Misverstand
Toch werd er tot nu toe weinig verband gelegd tussen zijn eerdere publicaties en de stellingen, en zo kon ook het ‘misverstand’ ontstaan dat Luther in verzet kwam tegen de bestaande machtsstructuren in de kerk en de wereld omdát hij de sociale misstanden en corruptie aan de kaak wilde stellen. Zijn legendarische uitspraak van protest ‘Hier sta ik, ik kan niet anders’ past geheel in dat beeld. Want wie de 95 stellingen goed bekijkt, ziet dat het Luther in eerste instantie helemaal niet om die corruptie en haar gevolgen voor de maatschappij te doen is. Veel meer richt hij zich op vragen als ‘Wat is echt boete doen?’ en ‘Wat is de relatie tussen boete doen en geloven?’

Radicaal
Dat dit belangrijke vragen zijn, en Luthers opvattingen in zijn tijd ontzettend radicaal, blijkt als we kijken hoe er in zijn tijd gekeken werd naar de almacht van God. Als God almachtig is, stelde men, dan kan hij niet gebonden kan zijn aan de regels die wij mensen logisch, redelijk en moreel juist vinden. Want als God aan onze ideeën moet voldoen, is hij niet meer almachtig. Vanuit deze redenatie ontstond een langdurig debat. Aan de ene kant staan degenen die zeggen dat God uit eigen vrije wil morele principes respecteert. En daarom, stellen zij, zal hij de mensen die deugdzaam leven of oprecht boete doen, belonen met eeuwig leven. Kortom: je bent een goed mens wanneer je goed leeft.

Egoïstische motieven
Luther is het daar niet mee eens. Hij stelt dat de mens in principe een van God vervreemd wezen is dat enkel denkt en handelt vanuit egoïstische motieven, zelfs wanneer dit zich uit in sociaal wenselijk gedrag. Iemand is niet ‘goed’ alleen omdat hij deugdzaam leeft. Bovendien is Luther van mening dat God niet ‘verplicht’ is om moreel juist gedrag te belonen. Verlossing kan niet worden verdiend of afgedwongen. En bovendien is een deugdzaam leven niet vanzelfsprekend het gevolg van een deugdzaam motief – mensen kunnen ook om puur egocentrische redenen goed gedrag vertonen. Daarom, zegt Luther, kun je aan goed gedrag geen geloofszekerheid ontlenen. Dit is zijn belangrijkste kritiek op de ‘goede werken’ en dus op de aflatenpraktijk. Aflaat betekent kwijtschelding: het was een praktijk binnen de katholieke kerk waarbij straffen voor het hiernamaals door het kerkelijk gezag werden kwijtgescholden. Een aflaat kon je verwerven door boetedoening, maar je kon hem ook kopen.

De waarde van berouw
Als wij niet van nature goed zijn, we ook niet goed zijn omdat we goed handelen, en God ons goede gedrag niet per definitie beloont – wat is dan de waarde van boete en berouw? Wat is dan ware boete? Dat zijn de vragen die voor Luther centraal stonden, en de vierde en de twee laatste van de 95 stellingen wijzen de richting aan van het antwoord dat hij op die vragen gaf: de ware boete is innerlijk. Door je af te keren van jezelf, Christus na te volgen en volledig op God te vertrouwen, doe je echt boete. Zo komt Luther tot een nieuwe visie op de relatie tussen geloof (vertrouwen) en moraal (deugd). Dit krijgt uitdrukking in de strikte scheiding tussen twee domeinen: het rijk van God enerzijds, en het rijk van de wereld anderzijds. Door deze scheiding te maken, wordt het voor Luther ook mogelijk om te protesteren tegen alles wat werelds is, inclusief de paus en de kerk van Rome. En dat doet hij dan ook.

Herman Westerink is godsdienstfilosoof aan de Radboud Universiteit. Hij publiceerde o.a. Maarten Luther, Gesprekken aan tafel (2014) en Verlangen en Vertwijfeling, melancholie en predestinatie in de vroege moderniteit (2014).
Dit artikel schreef Herman Westerink ter voorbereiding op de lezing 500 jaar Maarten Luther die hij op 31 oktober geeft bij Radboud Reflects www.ru.nl/rr/luther

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2017

volzin schrijfwedstrijd

Dank aan allen voor uw inzendingen! Er zijn 112 essays ingezonden waar de jury zich momenteel over buigt. De deelnemers ontvangen uiterlijk 1 december bericht over de uitslag. De winnende essays zullen verschijnen in het eerste Volzin-nummer van 2018. 

Social media

FacebookTwitterLinkedIn

Agenda