Columns
woensdag, 17 May 2017 11:51

Anne Frank: 'ik verlang zo - naar alles'

“De zon schijnt, de hemel is diep-blauw, er waait een heerlijk wind en ik verlang zo – ik verlang zo – naar alles… Naar praten, naar wijsheid, naar vrienden, naar alleen zijn. […] Ik geloof dat ik het voorjaar in me voel, ik voel het lente-ontwaken, ik voel het in mijn hele lichaam en in mijn ziel. Ik moet me in bedwang houden om gewoon te doen, ik ben totaal in de war, weet niet wat te lezen, wat te schrijven, wat te doen, weet alleen, dat ik verlang…!” Anne Frank in haar dagboek op 12 februari 1944, 14 jaar oud. Een jaar later was ze dood.

Het als Het Achterhuis in 1947 gepubliceerde dagboek van Anne Frank (1929-1945) is in alle opzichten – haars ondanks – grensverleggend. Er zijn meer egodocumenten van jonggestorven adolescenten verschenen, maar geen heeft de emotionele lading van deze nu eens oppervlakkige, ‘bakvisachtige’, dan weer ongemakkelijk persoonlijke notities van een meisje op de grens van haar volwassenheid. Dat het dagboek nog steeds zo’n verpletterende indruk maakt, is vooral te danken aan de beklemmende sfeer. De onderduikers aan de Amsterdamse Prinsengracht zijn niet eens zo klein behuisd, maar ze leven twee jaar lang op elkaars lip, moeten het met elkaar redden in een begrensde ruimte, niet alleen tastbaar om hen heen, maar ook in het hoofd van het meisje dat de teksten noteert. Het is een lastig boek om te lezen voor mensen met claustrofobie. Als lezer wil je regelmatig zélf naar buiten, omdat het beschreven opgesloten bestaan je benauwt. Je wilt buiten de muren van het Achterhuis komen, maar ook buiten de accolades van het verhaal treden, al weet je wat zich vóór de eerste en na de laatste aantekening van het dagboek heeft afgespeeld. Wie wil weten wat vrijheid is, moet dit boek lezen. Dat het leven van dit meisje zich in de snelkookpan van haar leefomgeving ontwikkelt tot dat van een jonge vrouw, wordt in soms onbeholpen, soms ook diepontroerende zinnen opgeschreven. Als je ze leest, zie je haar zitten achter haar schrijftafeltje, met de geuren, kleuren en geluiden van toen. Het straatgedruis op de achtergrond… buiten! Anne Frank overstijgt met haar notities de begrensdheid waarin ze moet leven in een ongekende vrijheidsdrang, ondanks de angst voor wat er in de wereld gebeurt.

Het Achterhuis is een van de meest gelezen boeken ter wereld. Het tot museum verbouwde pand trekt jaarlijks meer dan een miljoen bezoekers, voor negentig procent uit het buitenland. Anne’s vader, Otto Frank, kwam als enige levend uit de oorlog en hij wilde het dagboek van zijn dochter graag gepubliceerd zien, maar daar kwam pas vaart in na een column van Jan Romein in Het Parool in 1946: “Voor mij (…) is in dit schijnbaar onbetekenende dagboek van een kind, in dit door een kinderstem gestamelde 'de profundis', alle afzichtelijkheid van het fascisme belichaamd, méér dan in alle processtukken van Neurenberg bij elkaar.” Dat zijn grote woorden voor dit ‘kleine’ verhaal, maar ze passen bij het luidruchtige appel dat opstijgt uit de intieme teksten.
Twee maanden na de landing van de Geallieerden in Normandië worden de onderduikers in het Achterhuis opgepakt en naar het oosten getransporteerd. Anne’s laatste aantekening is van 1 augustus 1944. Ze is erg optimistisch over de aanstaande afloop van de oorlog en de vrijheid die haar te wachten staat. In 2002 schrijft ene Marjon in haar boekbespreking voor 4-vwo: “Aan het boek merk je ook dat Anne een meisje is dat veel met de toekomst bezig is. (…) Ik denk dat zij zoveel met de toekomst bezig was, omdat de situatie waar ze in de tijd van het boek in zat zo uitzichtloos was, en ze niet veel anders kon dan fantaseren over de toekomst, over de tijd waarin ze vrij zou zijn… Dat is meteen het verschil met het leven van nu, van onze generatie. Wij kunnen ons niet meer voorstellen dat wij opgesloten in huis zitten, afgesloten door een boekenkast, en nergens heen kunnen, en altijd maar stil moeten zijn. Dat is voor ons niet te bevatten. Het is juist goed om daar ook eens bij na te denken, niet alleen aan WOII maar ook in andere oorlogsgebieden, waar mensen niet in vrijheid leven.”
Zo heeft Anne Frank postuum aan veel mensen betekenis gegeven. Een schrale troost voor haar, maar een echte voor haar erfgenamen.

In de rubriek Grensverleggers portretteert Willem van der Meiden mensen die grenzen verlegden, overschreden of ophieven en zo de samenleving betekenisvol vernieuwden.

donderdag, 13 April 2017 11:15

'Muziek van alle tijden en voor alle tijden'

Is Bach een grensverleggende componist? Vraag het musicologen. Een eenstemmig: ja. Vraag het liefhebbers. Dat deed ik. Een bas: “Technisch gesproken is Bach voor mij de componist van de perfecte meerstemmigheid, emotioneel gesproken vind ik Bach niet zo zeer grensverleggend als wel grensoverstijgend: tijdloze muziek, en wel in alle betekenissen: muziek van alle tijden, muziek voor alle tijden (vreugde en verdriet) en muziek die de tijd stilzet en je voor even plaatst in een wereld waar alles goed is. Sommigen noemen dat hemels. Mag van mij.” Een sopraan beaamt dit: “Ik vind Bachs muziek mooi omdat er voor elke stemming wel een passend stuk te vinden is.” Haar moeder, een alt: “Ik ben vanaf de wieg ondergedompeld in de muziek van Bach omdat mijn vader dat altijd speelde op piano en orgel. Die muziek was er gewoon altijd en bij alles wat we deden. Zo is die muziek met mijn ziel verweven.” Ook een organist is lyrisch: “Je raakt nooit uitgeluisterd, en er zelf op studeren is een waar genoegen. De zes triosonates voor orgel zijn de top: moeilijk, maar prachtig. En in de koraalvoorspelen de tekstuitbeelding in de muziek, subliem!”

De muziek van Johann Sebastian Bach (1685-1750) raakt dus menige gevoelige snaar. Dat is niet altijd zo geweest. Al op het eind van zijn leven vonden velen zijn muziek ‘uit de tijd’. De belangstelling voor barokmuziek ebde weg. Pas driekwart eeuw na zijn dood kwam daar een wending in, toen Felix Mendelssohn-Bartoldy de Matteüspassie voor het eerst sinds de première in 1729 weer uitvoerde. Daarna kwam de bewondering voor Bach echt op gang. Onder collega-componisten was er zeker waardering. De jonge Mozart stortte zich naar verluidt op een ingewikkelde motetpartituur en rustte niet voor hij alles had begrepen en overgeschreven. De populariteit van Bach steeg in de twintigste eeuw tot grote hoogten en leidde niet zelden tot vormen van verering. Vooral in protestantse kerken kwam zijn muziek hoog op een voetstuk te staan en tot op de dag van vandaag zijn vooral in Duitsland maar ook in Nederland cantatediensten en motettendiensten populair.
Een halve eeuw geleden raakte het in zwang Bachs muziek op authentieke zeventiende-eeuwse instrumenten uit te voeren. Daar dwars tegenin zwoer de geniale Canadese pianist Glenn Gould bij piano-uitvoeringen omdat, zei hij, als Bach de piano had gekend hij dat zeker een verbetering zou hebben gevonden. Om zijn woorden kracht bij te zetten was het zijn gewoonte om mee te neuriën bij platenopnamen. Zijn stem voegde iets toe aan warmte van Bachs muziek, was zijn argument, en mocht dus niet uit de opnamen weggefilterd worden.

Bachs muziek mocht zich ook in de belangstelling van excentriekelingen verheugen. Bach stond erom bekend dat hij graag wat symboliek vlocht in zijn toonzettingen. Zo is in de verhouding van het korte eerste deel en het langere tweede deel van de Matteüspassie een kruisvorm te ontdekken. Sommige onderzoekers groeven vele spaden dieper en ontdekten in bijna elke noot van Bach een getallensymboliek, zozeer dat het niet meer te begrijpen was dat een mens zulke muziekstukken in elkaar had kunnen zetten. Ene meneer Schmend bereikte duizelingwekkende diepten door ook inktvlekjes in een partituur aan een getal te verbinden.
Onder wiskundigen en filosofen geniet Bach veel faam, eveneens vanwege de kunstige composities, zoals die van fuga’s. Beroemd is het lijvige boek Gödel, Escher, Bach van de Amerikaanse natuurwetenschapper Douglas Hofstadter uit 1979. Hij vergeleek de systeembouw van wiskundige Kurt Gödel, graficus Maurits Escher en Bach en onderzocht parallellen in de structuur van menselijke intelligentie. Het was en is een razend populair boek, waarvan de auteur zei dat een tiende van de mensen die het boek gekocht hebben eraan zijn begonnen, een tiende van hen die eraan zijn begonnen het hebben uitgelezen en een tiende van hen die het hebben uitgelezen het hebben begrepen. In De compositie van de wereld, dat een jaar later verscheen, zet schrijver Harry Mulisch in een warhoofdig betoog Bachs fugakunst in om het raadsel van de wereld eens en voor al te ontrafelen. Later ontdekte Mulisch de hemel.
Mag Bach zelf vooral grensoverstijgend worden genoemd, tal van zijn fanatieke bewonderaars hebben menige grens verlegd.

In de rubriek Grensverleggers portretteert Willem van der Meiden mensen die grenzen verlegden, overschreden of ophieven en zo de samenleving betekenisvol vernieuwden.

Pagina 1 van 10

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2017

volzin schrijfwedstrijd

 Voor de tiende maal organiseert Volzin een schrijfwedstrijd. ‘De waarheid zal ons bevrijden’ luidt dit jaar het thema. Ding mee naar een prijs. Schrijf een spannend en persoonlijk getoonzet essay over de verhouding tussen waarheid en bevrijding, in de samenleving, in de politiek, in de religie of uw persoonlijk leven. De jury kiest uit de inzendingen de drie beste essays. De winnende essays verschijnen in Volzin van 5 januari 2018. De winnaars ontvangen respectievelijk 500, 300 en 200 euro. De inzendtermijn sluit 1 september 2017.

Lees hier de toelichting en de voorwaarden.

Social media

FacebookTwitterLinkedIn

Agenda