Laatste nieuws

  • 1
  • De hemel in scherven

    God? Kerk? Die zijn in Nederland op hun retour. Het geloof in een voortbestaan na de dood blijkt evenwel tegen de secularisatie bestand te zijn. Godsdienstsocioloog Joep de Hart over hedendaags hemelgeloof: "Met name de beloftevolle aspecten doen het nog goed. Geloof als een vorm van optimisme." De zaal van de Grote Raad in het Dogenpaleis te Venetië wordt over tientallen meters gesierd door Tintoretto’s schilderij Il Paradiso. Toen de schilder destijds vreesde wegens zijn gevorderde leeftijd de opdracht tot het schilderen daarvan mis te lopen, verzocht hij het Paradijs in deze wereld gegund te krijgen omdat hij er allerminst zeker van zei te zijn het te bereiken in een volgende. Dat er al tijdens het aardse bestaan gestreefd wordt naar een voorproefje van het paradijs komt meer voor. Denk maar aan de rooms-katholieke Catechismus.Waartoe zijn wij op aarde? Zo luidt de eerste vraag van het vermaarde Catechismusboekje uit 1948. Waarna het antwoord volgt: Wij zijn op aarde om God te dienen en daardoor hier en hiernamaals gelukkig te zijn. Het antwoord op de prangende openingsvraag gaf een saillante verschuiving te zien vergeleken met de formulering van voor die tijd. Die luidde: Wij zijn op aarde om God te dienen en daardoor in de hemel te komen. Vanaf 1948 ontbreekt de specificatie van de postmortale gelukzaligheid en vooral: de mogelijkheid het geluk te verwerven heeft zich uitgebreid tot het hiernumaals. Sindsdien wordt dat niet langer als een slechts godsvruchtig antichambreren voor het Ware Leven van het Rijk Gods gezien. Read More
  • U mag het maar één keer zeggen

    Mijn galblaas werd in de zomer van 2014 verwijderd. Tegenwoordig een relatief simpele ingreep, maar ik moest voor de zekerheid een nachtje logeren in het ziekenhuis. In het bed naast die van mij lag een bijzonder oude man. Hij had ouderdomsvlekken over zijn hele gezicht, hals en armen. Zijn haar was wit en zijn ademhaling schuurde. Ik schatte hem ver in de tachtig, zo niet ouder. Hij observeerde mij aandachtig terwijl ik mijn spullen uitpakte. “En? Heeft u er zin in?” grapte hij. “Jazeker,” zei ik, “ik laat me straks graag in de watten leggen door de zusters!”Hij heette Binjamin en het spreken kostte hem duidelijk moeite. Ik vond dat hij bijzonder droevige ogen had. Ogen, die waarschijnlijk te veel ellende hebben gezien tijdens het leven. We raakten aan de praat.“Bent u geopereerd?” vroeg ik. “Nee, alleen een klein kwaaltje. Ach, dat hoort er op mijn leeftijd gewoon bij,” zei hij rustig. Ik klom met mijn ziekenhuisoverall op bed en vroeg geïntrigeerd naar waar zijn wieg gestaan heeft.Binjamin uit Almelo verloor op twaalfjarige leeftijd, als enig kind, zijn ouders. Daarna is hij bij veel mensen thuis geweest, met wisselend succes. Hij overleefde de oorlog. Als volwassene vloog hij de hele wereld over, maar uiteindelijk landde hij toch weer in zijn geboortestreek. Binjamin trouwde niet en nam ook geen kinderen. Kinderen zouden hem alleen maar opzadelen met gevoelens van zorg, angst en pijn. Na het vroege verlies van zijn ouders had hij nog maar één wens: met hen herenigd worden. Binjamin verlangde vurig naar de schaterlach van zijn vader en naar de heerlijke geur van zijn moeder. Echte vrienden had hij niet meer. “Ik heb iedereen in ouderdom verslagen,” merkte hij droogjes op. “Uiteindelijk heb ik in mijn leven nooit echt iemand liefgehad. Mijn moeder zei namelijk dat ik maar één keer in mijn leven ‘ik houd van je’ tegen iemand mocht zeggen. Dat moest een heel speciaal persoon zijn. Na haar dood bewaarde ik die woorden voor mijn ouders alleen. Maar ze drukken inmiddels hevig op mijn borst, begrijpt u?”Ik knikte. Ik vertelde dat mijn vader op 56-jarige leeftijd overleed en dat er geen enkele dag voorbij gaat zonder dat ik hem wil vertellen hoezeer ik hem mis.“Maar u heeft troost gevonden in uw geloof.” Binjamin zweeg even om te zien of zijn aanname dat ik moslim was klopte. Ik glimlachte.“Ja. Op de een of andere manier was de Koran een troost. Opeens kregen woorden een andere betekenis. Ik kan het niet verklaren.” Binjamin keek naar het plafond. Ik nam aan dat hij ook gelovig was. Op dat moment kwamen twee zusters binnen. Operatietijd.Toen ik mijn ogen een paar uur later weer opende was Binjamin weg. Op het kastje naast mijn bed lagen een beker water, twee pilletjes en een gevouwen briefje. Van Binjamin. Mijn mond was kurkdroog en mijn buik deed pijn. Ik drukte op het rode knopje. De zuster legde de pilletjes op mijn tong en ik nam met onvaste handen een paar slokken water. Ze vertelde dat mijn operatie goed was verlopen en dat ik morgenochtend alweer naar huis mocht. Ik vroeg haar naar Binjamin. “O, die zit weer thuis. Hij is hersteld van zijn longontsteking, maar hij zal niet lang meer leven,” zei ze, zonder enige emotie.“Is hij terminaal ziek?”“Hij heeft gekozen voor euthanasie. Tja, hoort bij het leven, toch?” Toen de zuster eindelijk weg was, las ik geconcentreerd de brief van Binjamin. Deze passage liet mij niet los. “Ik heb in mijn leven altijd één zekerheid gehad: dat er na dit leven een volgend leven is. Maar ik weet het niet meer zeker. Ik weet ook niet meer zeker of ik mijn ouders zal zien. Hopelijk denkt u aan mij in uw gebeden. Ik dank u met hart en ziel.” Bij elk bezoek aan het ziekenhuis denk ik aan kleine Binjamin, die hoog in de hemel met zijn vader schaterlacht en liefdevol over zijn bol wordt geaaid door zijn heerlijk ruikende moeder. En toch, na elk gebed stel ik mijzelf de vraag: hoe zeker ben ik eigenlijk nog van het hiernamaals? Enis Odaci is voorzitter van Stichting Humanislam. Volg hem op Twitter: @Humanislam Read More
  • Volzin-fotograaf Corbino: 'Het was gruwelijk'

    “Deze foto’s moesten gemaakt worden, maar eigenlijk wilde ik ze niet graag maken.” Dat zegt Corbino - Maarten Corbijn - die ook regelmatig voor Volzin werkt. Vanaf 2 april is in het WTC in Amsterdam zijn fototentoonstelling 13 in een dozijn te zien. De foto’s zijn gemaakt in opdracht van hulporganisatie Terre des Hommes, om het project WATCH onder de aandacht te brengen. Binnen dit project leidt de hulporganisatie detectives op zaken van seksueel misbruik te onderzoeken en bewijslast tegen daders te verzamelen. Zo hoopt Terre des Hommes meer verdachten van kindermisbruik veroordeeld te krijgen. De foto’s zijn gemaakt in Indonesië, Filippijnen en Cambodja.“Het probleem van kindermisbruik in die landen is heel erg groot. Je ziet het er voortdurend. Weinig aantrekkelijke mannen van zestig met vier jonge meisjes om hen heen, gruwelijk! Het is natuurlijk moeilijk om de leeftijd van die meisjes te schatten, maar duidelijk was dat ze heel jong waren. Vooral op de Filippijnen is het probleem zo groot, dat ik me afvroeg wat we daar nog aan konden doen. Die kinderen hebben voor de rest van hun leven een trauma. De foto die me het meest raakt, is die van het meisje achter de webcam. Webcamseks neemt enorm toe. Veel ouders denken dat het minder schadelijk is voor hun kind om voor de webcam te poseren, omdat niemand ze dan aangeraakt, maar voor de kinderen is het even traumatisch. Je wordt er ongelukkig van, als je die hokjes ziet waar ze in zitten. Ik ben zelf ook in die hokjes geweest, wat een ellende! De foto’s laten die narigheid goed zien, ondanks de kleurrijke omgeving waarin ze gemaakt zijn. Het was een heftige productie.” 13 in een dozijn is van 2 april tot en met 31 mei 2015 te zien in het WTC in Amsterdam. Daarna is de tentoonstelling ook nog te zien de gemeentehuizen van Eindhoven en Den Haag. Read More
  • 'Ware schoonheid zit in kleine dingen'

    Zijn scherpe kritiek op de moderne seculiere samenleving vindt veel bijval, ook in gelovige kringen. Maar de Vlaamse psychiater Dirk De Wachter wil zich niet in de christelijke hoek laten duwen. "Ik word liever versleten voor een overjaarse rockster dan voor een dorpspastoor." Een gesprek over geloof en liefde in borderlinetijden. Grote zwarte kapitalen zijn op de witte muur van zijn vestibule geschilderd: een tekst van filosoof Ludwig Wittgenstein. Inderdaad, die van de beroemde uitspraak ‘Waarover men niet spreken kan, daarover moet men zwijgen’. Maar dan een ander citaat, uit diens Tractatus Logico-Philosophicus. Met grote armgebaren draagt psychiater Dirk De Wachter het voor: ‘Die Welt ist alles, was der Fall ist…’ Een sleuteltekst voor zijn eigen denken, bezweert hij, maar belangrijker nog dan de inhoud van het citaat: de vreemde afbrekingen die ontstaan door de grote voegen tussen de stenen van de muur. ‘Ach’, roept één steen klagend uit, waar eigenlijk ‘Tatsachen’ staat. “Zo krijgt de tekst nieuwe betekenissen door de toevallige, alledaagse materialiteit van de muur”, doceert De Wachter haast lyrisch. OverrompeldHet is Dirk De Wachter ten voeten uit: bevlogen, enthousiast juist over kleine dingen, erudiet. Hij spreekt in gedragen volzinnen, eloquent formulerend, kleurrijk en speels als de vele kunstvoorwerpen die zijn Antwerpse herenhuis sieren. Hij belijdt een voorliefde voor creatieve verbasteringen en neologismen, zoals zal blijken in het gesprek. Geleerd van een andere favoriete filosoof, Emmanuel Levinas. “Zo kan ik aan versleten begrippen een nieuwe lading geven”, legt hij uit.Ondanks zijn enthousiasme oogt De Wachter wat vermoeid. Hij begint er direct over: het succes van zijn boeken Borderline Times en recenter Liefde. Een onmogelijk verlangen hebben hem overrompeld. Media-optredens, lezingen, tientallen e-mails per dag die hij allemaal poogt te lezen en beantwoorden. Gekkenhuis, excusez le mot. Zijn gewone werkzaamheden als psychiater en psychotherapeut gaan ook door; sterker nog, worden intensiever, want tal van mensen willen maar al te graag door de beroemde psychiater geholpen worden. Als hij hen wil doorverwijzen naar een geschikte collega, wordt dat hem vaak niet in dank afgenomen. Raakt dat u, als u mensen moet teleurstellen?De Wachter: “Ik vind dat moeilijk, ja. Ik ben van nature iemand die niet goed nee kan zeggen. Dus dit is een dagelijkse oefening voor mij. Leed van mensen trek ik mij erg aan, zeker wanneer ze bij mij zijn geweest. De telefoon kan ik laten rinkelen, van mail kan ik nog zeggen dat ik het niet gezien heb. Maar als mensen persoonlijk voor mij staan en hun verhaal vertellen – wat altijd verhalen van grote miserie en onrechtvaardigheid zijn – dan ben ik erg geneigd om hen te helpen, hoe druk ik het ook heb. Ik vind het heel moeilijk om nee te zeggen tegen menselijk verdriet. Anders zat ik hier niet, als psychiater.Door mijn plotse faam koesteren mensen vaak grote, onrealistische verwachtingen van mij. Dan lopen ze al twintig jaar bij een psychiater, maar verwachten ze dat ik ze er binnen een paar weken bovenop kan helpen. Dat is natuurlijk niet zo. Of nou ja, het rare is: soms is het wél zo. Ik doe dan heus niets anders dan normaal, ik luister gewoon naar ze, zoals ik dat al jaren doe. Maar dan zeggen ze: ‘Wat ik vandaag heb meegemaakt, heb ik nog nooit gevoeld. Dank u dokter, u bent de enige die mij begrijpt.’ Prima natuurlijk als mensen zich beter voelen, maar het is ook een beetje gek. Ik denk dat het pure projectie is.” Read More
  • 'Cynisme, dat is de dood'

    Zanger Stef Bos (53) zit vijfentwintig jaar in het vak. Hij is geboren in Veenendaal, verhuisde voor zijn theateropleiding naar Antwerpen en brak in 1991 door met het album Is Dit Nu Later en de grote hit Papa. Een kwart eeuw later woont hij de helft van de tijd in Zuid-Afrika en België en heeft hij met Mooie, Waanzinnige Wereld alweer een prachtig album uitgebracht. Een gesprek over zingeving, mythologie, het bestrijden van cynisme en leven in drie culturen. “Je moet je identiteit ontwikkelen, dan doe je soms een beetje onhandige dingen.” De  ene werd een voetballerDe ander werd een heldWe geloofden in de toekomstWant de meester had verteld Jullie kunnen alles wordenAls je maar je huiswerk kentMaar je moet geduldig wachtenTot je later groter bent Is dit nou laterIs dit nou later als je groot bentEen diploma vol met leugensWaarop staat dat je volwassen bentIs dit nou laterIs dit nou later als je groot bentIk snap geen donder van het levenIk weet nog steeds niet wie ik benIs dit nou later Hoe kijkt je vijfentwintig jaar na dato terug op je debuut Is Dit Nu Later?“Ik heb dat gelijknamige liedje dikwijls gezien als een waarschuwing voor mezelf. Want ik heb als jongen ooit twee maanden bij de Rabobank gewerkt. Vakantiewerk om drie maanden door Amerika te gaan reizen. Mijn respect is groot voor mensen die dat kunnen, want ik werd er gewoon gek. Ik wist toen: ik moet iets anders gaan doen. De toneelschool in Antwerpen waar ik begon met liedjes schrijven was een escape. Raymond van Het Groenewoud en Johan Verminnen waren mijn leermeesters. Zij leerden mij om mezelf als materiaal te zien. Jezelf uitkammen. ‘In plaats van de klootzak in iemand anders de klootzak in jezelf beschrijven’, zei Raymond. Het jonge mannetje dat Papa en Is Dit Nu Later schreef was een romanticus die groots en meeslepend wilde leven. Dat hoort als je twintig bent. Ik wilde het hele universum in mijn liedjes proppen. Als jongere man nam ik alles veel ernstiger. Op die leeftijd worstel je met je ego en je ijdelheid. Naarmate ik ouder word is alles relatief en steeds lichter. Dat maakt de zeggingskracht van mijn muziek alleen maar sterker. Ik sta nu veel meer in functie van het lied.” Read More
  • Gastvrije abdij ontvangt Volzin

    “Alle gasten die aankomen moeten worden ontvangen als Christus zelf, want Hij zal eens zeggen: ‘Ik kwam als gast en gij hebt Mij opgenomen.’” “Omwille van de gast breekt de overste de vasten.” “Een voldoende aantal bedden moet daar [het gastenverblijf, red.] altijd gereed staan.” Het zijn enkele citaten uit de regel van St. Benedictus uit de 6e eeuw over het ontvangen van gasten. Deze regel wordt gevolgd door de trappisten, die regelmatig gasten van allerlei komaf in hun abdij verwelkomen. Heel toepasselijk dus dat dit jaar de Volzin-lezing – nota bene over gastvrijheid - juist in een abdij plaatsvindt. Broeder Bernardus Peeters, sinds 2005 de abt van de trappistenabdij Koningshoeven, zal de lezing verzorgen.  In Koningshoeven (nabij Tilburg) ontvangen de trappisten ruim vijftienhonderd gasten per jaar. De gasten hebben uiteenlopende achtergronden, maar de monniken benaderen iedereen zonder onderscheid. Broeder Bernardus ziet in elke gast een mogelijkheid voor een ontmoeting met God. “Gastvrijheid schept een open ruimte voor die ontmoeting, met elkaar en met God.” Gasten op deze manier welkom heten en onderdak bieden lijkt eenvoudig en vanzelfsprekend, maar dat is het niet. Voortdurend openstaan voor het vreemde vraagt veel, je moet telkens je eigen zekerheden loslaten. Toch kan de ontmoeting in het klooster ook verrijkend werken, voor zowel de trappist als de gast. De gast leert de monniken kritisch naar zichzelf te kijken door een spiegel voor te houden, het klooster schept ruimte voor bezinning. In de lezing zal abt Bernardus laten zien hoe de broeders in Koningshoeven vorm geven aan gastvrijheid om tot ‘echte ontmoeting’ te komen. Kunnen we in deze tijd van sociale media de ander nog wel écht ontmoeten? Klik hier om u voor de Volzin-lezing aan te melden. Dit kan tot uiterlijk 7 april Read More
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6

Doorzoek de website

volzinlezing 2015

Social media

FacebookTwitterLinkedIn

Agenda